Terug naar het nieuwsoverzicht

Het leenstelsel wordt ingevoerd

Er gingen maanden aan onderhandelingen aan vooraf, maar op 20 januari was de kogel dan ook echt door de kerk: per 1 september 2015 behoort de basisbeurs tot het verleden. Dit wordt gezien als een belangrijke hervorming van het onderwijs, misschien wel de belangrijkste hervorming in de afgelopen dertig jaar. Maar hoe is het eigenlijk nu geregeld en wat gaat er precies veranderen per 1 september 2015?

Wet studievoorschot hoger onderwijs een feit: leenstelsel wordt ingevoerd

Er gingen maanden aan onderhandelingen aan vooraf, maar op 20 januari was de kogel dan ook echt door de kerk: per 1 september 2015 behoort de basisbeurs tot het verleden. In 2014 had de Tweede Kamer al ingestemd met de invoering van een leenstelsel in het hoger onderwijs. Dit leenstelsel vervangt de basisbeurs, waar huidige studenten nu nog recht op hebben. Op 20 januari heeft een meerderheid van de Eerste Kamer haar goedkeuring gegeven aan het wetsvoorstel. Hierdoor zal het leenstelsel in het hoger onderwijs definitief worden ingevoerd.

Dit wordt gezien als een belangrijke hervorming van het onderwijs, misschien wel de belangrijkste hervorming in de afgelopen dertig jaar. Maar hoe is het eigenlijk nu geregeld en wat gaat er precies veranderen per 1 september 2015?

Wat is de huidige situatie?

Momenteel hebben alle studenten recht op de basisbeurs, een maandelijkse bijdrage van overheid. Dit bedrag kunnen studenten gebruiken om hun studiekosten te drukken. Deze basisbeurs, ook wel studiefinanciering of ‘stufie’ genoemd, is voor uitwonende studenten hoger dan voor thuiswonende studenten. Uitwonende studenten krijgen maandelijks €279,- studiefinanciering. Studenten die tijdens hun studie bij hun ouders blijven wonen krijgen maandelijks €100,- . Iedere student heeft in principe recht op vier jaar studiefinanciering. Als je een tweejarige master volgt, dan krijg je vijf jaar studiefinanciering.

In de huidige situatie geldt dat áls je binnen tien jaar je studie afrondt, de basisbeurs wordt omgezet in een gift. Je krijgt dit bedrag van de overheid en je hoeft het dus niet terug te betalen. Maar als het niet lukt om je studie binnen tien jaar af te ronden, dan wordt de basisbeurs omgezet in een lening. Dat betekent dat je alle studiefinanciering, die je tijdens je studietijd hebt ontvangen, moet terugbetalen aan de overheid. Zoals bij elke lening, wordt er ook dan ook rente berekend over de lening.

Wat gaat er veranderen?

Met de invoering van het leenstelsel gaat de basisbeurs voor aanstaande studenten verdwijnen. Dit heeft financiële gevolgen voor aankomende studenten. Laten we de familie Jansen uit Utrecht nemen als voorbeeld:

De oudste zoon uit het gezin, Pim Jansen, is in september 2010 begonnen met zijn Bachelor Bedrijfskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Na zijn bachelor heeft Pim aan dezelfde universiteit een Master gevolgd. Pim is een harder werker: hij is in de zomer van 2014 afgestudeerd en heeft vier jaar over zijn studie gedaan. Als uitwonende student heeft Pim in deze vier jaar elke maand €279,- studiefinanciering ontvangen. Dat komt neer op een totaal bedrag van €13.392,- . Aangezien hij zijn studie binnen tien jaar heeft afgerond, hoeft hij dit bedrag niet terug te betalen.

Zijn jongere zusje Anne zit in 6 vwo. Zij wil per 1 september 2015 Communicatie Wetenschappen studeren in Groningen. Net als haar broer Pim wil zij ook op kamers gaan wonen. Maar als Anne begint met studeren, zal zij geen studiefinanciering meer krijgen. Anne loopt dus €13.398,- mis.

De jongste dochter, Marieke, zit nu in 5 havo. Zij gaat per 1 september 2015 ook beginnen met een nieuwe studie. Marieke wil HBO-Rechten studeren in Utrecht. Aangezien de hogeschool in de buurt is van haar ouders, blijft ze thuis wonen. Ook voor Marieke geldt dat zij geen studiefinanciering meer krijgt. Aangezien Marieke thuis blijft wonen, loopt zij €4800,- mis.

Dit voorbeeld maakt duidelijk dat aankomende studenten, door de invoering van het leenstelsel, een groter deel van hun studiekosten zelf moeten betalen.

Waarom deze verandering?

Er moet bezuinigd worden, ook op het onderwijs. Vandaar dat de politiek onderzocht heeft waar er geld bespaard kan worden. In het regeerakkoord is vervolgens afgesproken dat de basisbeurs wordt afgeschaft. Dit levert een besparing van 800 miljoen tot 1 miljard euro op. Toch is het, volgens de minister van onderwijs, niet een echte bezuiniging. Er is toegezegd dat een groot deel van dit bedrag uitgegeven zal worden aan de verbetering van het hoger onderwijs. De kwaliteit van het onderwijs gaat dus vooruit, zonder dat er extra kosten gemaakt worden.

afbeelding bericht

Overig nieuws